Pagina titel ...

Goedele Liekens kiest voor alternatieve kankerbehandeling en speelt met haar leven

0


Goedele Liekens strijdt al maanden tegen de huidkanker die afgelopen november bij haar ontdekt werd. Ten einde raad heeft ze nu voor een alternatieve therapie gekozen waarbij kankercellen verwijderd worden die vervolgens worden behandeld en gezond gemaakt worden en dan terug worden geplaats. Een buitengewoon gevaarlijke therapie. Artsen noemen het ‘duistere praktijken die absoluut geen goedkeuring verdienen.’

Goedele Liekens hoopt in Spanje dat zij haar huidkanker onder de duim kan krijgen. “Tegen hervallen en vooral om sneller weer in vorm te geraken,” geeft ze als reden om zich in het Zuid-Europese land te laten behandelen. “Als je behandeling stopt, ben je lang nog niet gezond.


Maar volgens Bart Neyns, diensthoofd medische oncologie in het UZ Brussel, neemt goedele een groot risico met de alternatieve behandeling waar zij voor gekozen heeft. “Cellen verwijderen, behandelen in een labo en opnieuw inbrengen: daar kunnen allerlei dingen mee misgaan’, zegt hij tegen de Vlaamse krant Het Nieuwsblad. “Als de kwaliteit van die dendritische cellen onvoldoende is, kunnen ze het lichaam zelfs het signaal geven dat het de kankercellen niet moet afstoten, maar net aanvaarden. Dan kunnen ze kanker net meer speelruimte geven. Dit zijn duistere praktijken die absoluut geen goedkeuring verdienen.’

Goedele deed afgelopen november een boekje open over haar huiskanker. Ze vertelde dat het allemaal begon met een ‘rare vlek waar dermatologen al jaren voor waarschuwen’. ‘Die vlek werd onmiddellijk weggehaald. Toen dat niet voldoende bleek, kwam er een operatie om het ding flink diep uit te snijden.’ Helaas bleek deze operatie niet voldoende te zijn, zo liet de tv-presentatrice en seksuologe weten. “De kankercellen hadden zich een weg in mijn lichaam gevonden en zaten reeds in de klieren. Vanaf daar ligt de weg naar verdere uitzaaiingen natuurlijk open. Een verdict dat veel mensen moeten aanhoren, ik weet het. Maar ook steeds vaker hoeft dat – dankzij onze goede gezondheidszorg – geen doodsvonnis te zijn.”