Pagina titel ...

CDA-boegbeeld sabelt Pim Fortuyn neer als ‘een Jomanda’ en ‘een avatar’

0


In zijn boek Tand des Tijds noemt CDA-boegbeeld Pieter Gerrit Kroeger Pim Fortuyn ‘een Jomanda’ en ‘een avatar’. Volgens de man die een van de belangrijkste adviseurs van premier Balkende was werd Fortuyn op 6 mei 2002 ook doodgeschoten door iemand die ‘nog het meest leek op de mensen die hem bejubelden’.

Pieter Gerrit Kroeger (65) noemt zichzelf tegenwoordig ‘CDA-watcher’. In die hoedanigheid is de man die o.a premier Balkenende en tal van CDA-ministers adviseerde een graag geziene talkshowgast om zijn partij, het CDA, te duiden.


(lees verder onder ingezonden mededeling)

Recent publiceerde Kroeger zijn boek Tand des Tijds waarin hij onthulde dat prinses Mabel, zo stoned als een garnaal, eiste te worden toegelaten tot de slaapkamer van Mark Rutte.


(lees verder onder ingezonden mededeling)


Maar in De Tand des Tijds veegt de prominente CDA’er ook de vloer aan met Pim Fortuyn, die op 6 mei 2002, negen dagen voor de Tweede Kamerverkiezingen, waar zijn Lijst Pim Fortuyn aan deelnam, werd vermoord op een parkeerterrein van het Media Park in Hilversum door de linksradicale milieuactivist Volkert van der Graaf. De dader werd vrijwel direct na de moord gearresteerd en werd later veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 jaar. Hij kwam op 2 mei 2014 voorwaardelijk vrij.

Elsevier-redacteur Eric Vrijsen die voor het weekblad sinds 1994 de Nederlandse politiek volgt zegt dat
Kroeger de opmars van Pim Fortuyn analyseert aan het eind van 2001 en het begin van 2002 door hem te diskwalificeren als een politieke ‘Jomanda’, die  goedgelovige mensen een toegangskaartje voor haar optredens liet kopen in de hoop dat deze toverfee hen van hun ziektes zou verlossen. “Zo’n vijftien keer legt Kroeger een verband tussen Fortuyn en Jomanda. Op een zeker moment heeft hij het over ‘de jomandesque Fortuyn’.” schrijft Vrijsen.

Vrijsen in het weekblad: ‘Dan wordt het ergerlijk, want Kroeger bespreekt de moord op Fortuyn alsof het slachtoffer die zelf in scène had gezet. ‘De moord kreeg direct mythische trekken. Ook hier was het jomandesque van het verschijnsel Fortuyn leidend. (…) Als een waarachtig mediafenomeen stierf Fortuyn op het parkeerterrein van een radiostudio terwijl alles live uitgezonden werd. Juist die bloederige transparantie bevorderde het ontstaan van legendes en mythen, uiteraard. (…) Niet een of andere professionele bestuurder was voor velen in zijn aanhang en vereerders primetime om het leven gebracht, maar een avatar, een seculier verlosser die mensen en hun gemeenschap zou genezen en vervolmaken.’


(lees verder onder ingezonden mededeling)


‘Wat moet je nou met zo’n beschrijving? Er wordt een politieke moord gepleegd en twee decennia later wordt het voorgesteld als een zelf gezochte show in de media. Dat is niet minder dan een valse voorstelling van zaken.’


(lees verder onder ingezonden mededeling)


Over de moordenaar van Fortuyn is Kroeger, zo schrijft Vrijsen ook stellig. ‘Volkert van der Graaf is volgens hem niet ‘ideologisch onderlegd’. De moordenaar is ‘een doorgeschoten personage van de jaren zeventig en het nieuwe polarisatiegeloof. Daarin leek hij nog het meest op de mensen die Fortuyn als hun idool – letterlijk immers ‘afgod’ – bejubelden.’

‘Van der Graaf was dus volgens Kroeger net zo de weg kwijt als Fortuyns aanhangers en daarom loste hij zes pistoolschoten op de LPF-lijsttrekker. Om de ‘bloederige transparantie’ op deze manier te presenteren…, je moet maar durven.’