JAN DULLES drie jaar in therapie na het overlijden van zijn dochter

0

(Beeld: CP)

Jan Dulles is drie jaar in therapie geweest na het overlijden van zijn dochter en kort daarop zijn vader. Tegen stress en fysieke problemen maakt hij ook lange wandelingen.


In de Mezza-rubriek Hemd van het Lijf vertelt Jan Dulles dat hij drie jaar lang in therapie is geweest na het overlijden van zijn dochter en kort daarop zijn vader. Donna, het drie maanden oude dochtertje van zanger Jan Dulles  en zijn vrouw Caroline, overleed in december 2021 plotseling. Ze stierf aan complicaties die voortkwamen uit een scheurtje in haar middenrif. Dulles heeft na het overlijden van zijn dochtertje en zijn vader veel gewandeld.

‘Wandelen: het allerbeste om te ontstressen. Ik zat er geestelijk doorheen toen mijn dochter overleed en drie maanden later mijn vader. Met fysieke problemen ook: aanhoudende keelontsteking, opgehoopt verdriet dat er op verschillende manieren uit kwam. Ging ik naar de dokter voor de zoveelste antibioticakuur, zei hij: hier is geen medicijn voor; ga lange wandelingen maken… niet te intensief, maar steeds minstens een uur. Dat ben ik gaan doen. Het helpt nog steeds.’


Ook is hij in therapie geweest. ‘Ik ben drie jaar in therapie geweest. Het begon als rouwverwerking, in het bijzijn van een psychiater. Heel lang deed ik dat samen met Caroline. Want gek genoeg bespreek je niet steeds met elkaar hoe je verdriet in elkaar zit. Tijdens zo’n uurtje therapie vertelden we hoe we ons hadden gevoeld. Daar heb ik baat bij gehad. En dat geldt ook voor anderen.

Dan krijg ik weer een mail van een mevrouw, dat haar dochter en schoonzoon een kindje hebben verloren en ten einde raad zijn: wat moeten we doen? Of ze vertellen dat ze ons lied Vreemde leegte hebben gedraaid tijdens de uitvaart en dat die song ze er doorheen heeft gesleept. Dat nummer gaat over het gevoel als je net iemand hebt verloren. Dat je soms niet weet waar je kruipen moet van ellende. Mijn tip: ga met iemand praten die erin gespecialiseerd is. De week nadat het gebeurd was, belde die psychiater die ik toevallig al kende mij op en zei: je moet niet proberen dit helemaal zelf te verwerken, kom maar naar mij. Heel goed, anders had ik dat niet gedaan. Daarom zeg ik het nu tegen anderen.’